Category “beestenboel”

Thor, Rostneus, Speciaaltje en Tijgertje

Tuesday, 27 July, 2010

Nog even zijn ze bij ons, alvorens ze een nieuwe thuis krijgen. In de tussentijd geniet iedereen hier met volle teugen van de vier kleine bengels. Vaak vind je ze terug in één of andere mand, of een geïmproviseerd poppenbedje of kamp. ‘s Morgens en in de vooravond zijn ze zelf het actiefst: dan rennen ze rond de keukentafel en doen elkaar de duvel aan. Als de kinderen er eens niet mee bezig zijn proberen ze de laatste dagen zo dicht mogelijk bij ons een slaapplaatsje te vinden. Momenteel liggen ze dan ook alle vier in de drakenmand waar normaal Finns speelgoed in opgeborgen zit, vlak naast de tafel waar Marthe en Lena aan het knutselen zijn.

“‘t Zijn toch zo’n schatjes.” is dan ook de meest gehoorde opmerking over de ‘poezebeestjes’. En ja, we zullen ze missen, maar we zijn er zeker van dat ze op hun nieuwe locatie ook een leuk speelterrein zullen krijgen, en baasjes die hen zullen vertroetelen.

20100725_kroost_00220100725_kroost_01120100725_kroost_01920100725_kroost_01520100726_kroost_00720100725_kroost_012

Thor

Monday, 5 July, 2010

20100617_jonkies_002Voor u spontaan ‘tiediedediedie’ begint te zingen, we hebben de mosterd bij de Germanen gehaald. De god van de donder heet Thor, en ik heb dat altijd een mooie naam gevonden. Hij kwam niet in aanmerking voor één van de zonen, omdat dat niet goed bekt met de achternaam Roels. Vraag maar aan nonkel Peter. Maar poezen hebben geen achternaam en we vinden dat het ook nog past bij Findus en Joske. Marthe en Lena waren direct verkocht, Cas had een lichte voorkeur voor Jules, maar we hanteren ook hier een democratisch stelsel, dus het werd Thor, ook al is het voorlopig nog een klein Thorke.

bibberke

Tuesday, 22 June, 2010

20100617_jonkies_003Dat het grijze katertje bij ons mag blijven wonen staat vast, maar hoe dat poesje vanaf nu moet aangesproken worden, daar zijn we nog niet uit. Het is natuurlijk ook niet eenvoudig. Het moet bij Findus en Joske passen, het mag niet te lang zijn, liefst origineel [Eugène is al in gebruik bij de overburen, dju toch], maar ook niet te moeilijk voor de kinderen. Etienne valt dus af. Net zoals al die typische poezennamen à la pluisje, grijsje, minoes, poesie en felix.

Telkens als we een nieuwe kanshebber bedenken, schrijven we de naam op de doos waar Joske met haar kroost in ligt. Een greep uit het voorlopige aanbod: Tuur, Titus, Otto, Tos, Juul, Rover, Roef en Jeff. Vanmorgen had Marthe er nog een nieuwe bij: Bibberke. Ze had een poesje vast dat nogal bibberde in haar hand en vond dat een gepaste naam. Lena is trouwens ook creatief met woorden de laatste tijd. Volgens haar ‘mijanken’ de poesjes soms.

to eat or not to eat…

Monday, 21 June, 2010

dieren_eten_jonathan_safran_foerVorige week bracht de postbode ‘Dieren eten’ van Jonathan Safran Foer. Op de achterflap springt een uitspraak van J.M. Coetzee in het oog: “Wie na het lezen van Dieren eten deze producten nog consumeert is of harteloos of ongevoelig voor de rede, of beide.” Deze boutade leek mij vooral bedoeld om de lezer nieuwsgierig te maken. Maar ik was natuurlijk gewaarschuwd. Een vriend die enkel kip en vis eet, durft het boek voorlopig niet te lezen, uit schrik dat hij daarna ook daar geen zin meer zal in hebben. En terecht.

Tijdens het lezen dacht ik af en toe: Damn you, Jonathan Safran Foer, nu kan ik nooit meer ongecompliceerd genieten van een stuk vlees of vis. Ik kan nooit meer doen alsof ik niet weet welke gevolgen dieren eten heeft. En ik wist ook meteen dat ik dat niet zonder slag of stoot verkocht zou krijgen aan de andere tafelgenoten hier ten huize, vooral Geert dan.

Foer stelde zichzelf de vraag waarom we vlees eten en of we ook nog vlees zouden eten als we wisten hoe het op ons bord kwam. Voor hij dit boek schreef was hij afwisselend vegetariër en vleeseter, maar met de komst van zijn eerste zoon wou hij weten hoe het er in de vleesindustrie aan toe gaat om een verantwoorde voedselkeuze voor zijn kinderen te kunnen maken. Onbevangen gaat hij drie jaar lang op onderzoek en laat zowel voor- als tegenstanders aan het woord. Vooral de contra-argumenten zijn talrijk en beresterk. Vanuit ethische, ecologische, economische zowel als gezondheidsoverwegingen is het onverantwoord vlees te eten, aldus de auteur.

Let op, niet iedereen hoeft van mij nu op stel en sprong vegetariër te worden. Maar in plaats van elke dag uit gewoonte een lap vlees op je bord te leggen, zou het niet slecht zijn om daar wat vaker stil bij te staan. Waarom geen sunday meatday in plaats van donderdag veggiedag?  Iedere dag veggie en heel af en toe eens met? Maar ik word hierin wat tegengewerkt door manlief. Ja, als het boek iets doet, dan is het zeker controverse opwekken. Het heeft de discussie hier in ieder geval serieus aangewakkerd. Geert wijst me er fijntjes op dat het een Amerikaanse auteur is die de situatie aldaar beschrijft. Hij denkt dat de vleesindustrie in Europa beter gereglementeerd en gecontroleerd is. Ik hoop het, maar ik vrees dat dat misschien naïef is. Bovendien haalt hij aan dat ook groenten en fruit vol chemische brol zitten en dat je niets meer zou willen eten als je alles zou weten. Ik vind dat een rare redenering. Is het omdat drinken ook ongezond is dat je niet moet stoppen met roken? Ik spits me teveel toe op vlees en vis als grote boosdoeners omdat ik nu toevallig dat boek gelezen heb, aldus Geert. Maar hij heeft het niet gelezen en koppig als hij is zal hij dat ook niet willen doen, vrees ik. Of is het omdat hij gewoon niet graag leest? De zin in vlees zou hem nochtans snel vergaan.

Eén troef heb ik alvast in handen. Zolang ik kok van dienst ben, bepaal ik wat er op het bord komt. En voorlopig mort het volk nog niet.

Verkocht

Thursday, 17 June, 2010

Na amper tien dagen hebben we voor alledrie de poesjes al een liefdevol adoptiegezin geregeld. Nummer vier blijft gezellig bij ons. Gelukkig moeten ze allemaal nog minstens zes weken bij ons blijven, want ook wij zijn al helemaal verkocht, verknocht zelfs, aan die donzige diertjes in de doos. Zo klein en al duidelijke karakters. En Joske die zich als een volleerde mama over haar kroost ontfermt, ja, we zijn daar eigenlijk wel wat fier op!