Thursday, 29 July, 2010
Vandaag gingen we op babybezoek bij A&R in Frankrijk. OK, technisch gezien zie je uit hun vernieuwde achterbouw enkel België, edoch, Williers ligt wel degelijk in de Franse Ardennen, vlakbij Florenville. Omdat we op en af rijden op één dag toch een beetje al te gek vonden verspreidden we de kinderen over de grootouders en maakten er een ‘short break’ van, zo doen we ook eens hip en trendy. Zonder echt plan zetten we woensdagochtend aan, we zouden wel zien wat de dag ons zou brengen. Onze eindhalte van dag één was bekend, een B&B nabij Bouillon, maar daarvoor was alles mogelijk.
Omdat het zonnetje heerlijk scheen draaiden we ter hoogte van Namen van de E411. We zien wel. Met in het achterhoofd de films van de gebroeders Dardenne en een wat vervaagde herinneringen aan een lunch in de Inno ergens in de jaren ’70 waren mijn verwachtingen niet al te hooggespannen. De eerste aanblik leek dit beeld te bevestigen: een aftandse winkelstraat met een Hema waarvan het uithangbord niet veel goeds beloofde.
We parkeerden en moesten bij het uitwandelen van de straat ons beeld al geheel bijsturen. De ‘vitrine’ van een speelgoedwinkel trok onze aandacht, veel houten speelgoed en circusartikelen. En meer dan een uur later stonden we buiten met een aantal leuke speeltjes, en dan hebben we ons nog serieus ingehouden. Lukraak draaiden we een klein straatje in en plots waanden we ons op een andere planeet, of toch zeker in een andere stad. Smalle straatjes, leuke winkeltjes, veel terrasjes, toffe restaurantjes en mooie besloten pleintjes, ‘Le quartier piétonnier’ . En wat ons vooral opviel: in alle winkeltjes deed iedereen hard zijn best ons in het Nederlands te helpen, ook al haalden we zelf ons beste Frans boven.
Mocht je dus ooit verlegen zitten om een leuk en zot idee: overweeg eens een dagje shoppen bij onze zuiderburen van over de taalgrens, ze zullen je daar verbazen.
Eerlijkheidshalve moeten we er wel aan toevoegen dat ons bezoek aan Bouillon een ‘scheet in een fles’ was. We waanden ons terug in de jaren ’70 met verschoten [als in van kleur veranderde] pedalo’s, veredelde frituren en cafés met uithangborden voor Duitse biermerken. Wat ons betreft: te mijden.
En wat hebben jullie deze zomer zoal ontdekt?
Friday, 23 July, 2010
Beste Opa’s en Oma’s. Bij deze mogen jullie terug op jullie beider oren slapen. In de namiddag van 22 juli 2010 heb ik een nieuw hekje geïnstalleerd waardoor de tsjaffelende Finn nu elke ongeattendeerde toegang tot de speeltoren wordt ontzegd. Na een kwartiertje rammelen en klauteren kreeg het van de bevoegde instantie zelfs het label “Finn-proof”, en dat wil al heel wat zeggen.
De taferelen van een éénjarige die jolig de glijbaan opklimt en dan olijk en onbeveiligd vanop het platform aanstalten maakt om naar het zoldertje te klimmen behoren dan ook tot het verleden. De bessenstruiken zullen ons trouwens ook dankbaar zijn dat de pluk nu iets gecontroleerder kan gebeuren.
Friday, 16 July, 2010
We zijn sinds vanavond weer voltallig. Wij met ons zessen en 6 poezenbeesten in en om het huis. Deze namiddag mochten we onze twee oudsten ophalen van hun jnm-kamp, de pimpelpaarse planeetpanda ofte PPP. Een kamp die naam waardig: primitief leven in tenten op een open plek in het Enamebos, ‘hudo’ incluis. We hebben deze week vaak aan hen gedacht, toen het onweerde, het nog maar eens regende, de wind opstak, het frisser werd ‘s avonds,… Maar ze hebben het niet aan hun hart laten komen als we hun verhalen horen.
Op de terugweg van Ename kozen we voor de kleine baantjes van de Vlaamse Ardennen, zodat ze hun verhaal al eens kwijt konden. Verhalen over de partytent, den bonten avond en opblijven tot half één, de waspartij met de tuinslang van de boer, de leiding die ‘s avonds in hun tent voor afleiding zorgde tijdens het onweer, de spaghetti die daags nadien op miraculeuze wijze werd omgetoverd in soep, … Niks dan lof over de leiding, over stoere Klaas en zotte Astrid, toffe opper-Pepijn en een dikke pluim voor foer Anaïs.
En wonder boven wonder, ze waren niet [al te] smerig, hadden behoorlijk wat vuile kleren mee, zaten niet helemaal onder de muggenbeten en zagen er zeker niet ondervoed uit. Ze hebben een zeer leerrijke en boeiende week achter de rug en kijken al uit naar volgend jaar. En Lena vind het doodjammer dat zij nog een jaartje extra zal moeten wachten voor ze haar broer en zus mag vervoegen.
Hieronder voor en na.






Tuesday, 13 July, 2010
Morgenavond komen een aantal ouders en leerkrachten van de leefschool hier samen om het jaarthema van het volgende schooljaar te bespreken. Tijdens een facebook-gepingpong een tijdje geleden brak Marijke een lans voor eerlijke, lokale bierkes waarop juf N. reageerde met het voorstel om op de volgende vergadering dan maar eens het goede voorbeeld te geven.
Om de aanwezigen een beetje wegwijs te maken in ons aanbod dook ik gisterenavond eens de kelder in om te noteren wat we zoal kunnen aanbieden. Ik weet dat we wel het een en ander in huis hebben, maar dat ik tot 32 soorten zou komen, dat had ik niet gedacht.
Tijdens m’n studententijd dierf ik al eens te gaan ‘blokken’ in de binnentuin van de Hopduvel in de Rokerelstraat [spreek uit rookeerelstraat en niet rokkerel]. Ik bestudeerde echter voornamelijk de vrij imposante bierkaart en deed er ook behoorlijk wat praktijkervaring op. In die periode werd een warme maaltijd op kot ook steevast vergezeld van een eerlijk bierken. Wekelijks, bij dorstig weder zelfs nog iets vaker, trok ik met een drinkebroer naar de Hopduvel [ditmaal de drankencentrale aan de Coupure] om onze voorraad in te slaan. Dat was de periode van de Blanchkes, en voor speciale gelegenheden werden wat Trappisten in huis gehaald. We organiseerden ook al eens een kaas en streekbieravond, maar over de afloop daarvan kan ik me niet zo veel meer herinneren.

Later probeerde ik ook steeds vaker de makers van al dat lekkers te ontdekken. Zo bezocht ik o.a. de Dolle Brouwers in Esen [de tocht te voet van 6km naar het station van Diksmuide met een bak Oerbier staat me nog levendig voor de geest], brouwerij Liefmans, Slagmulder,… In die tijd kon je trouwens ook nog gemakkelijk aan een bak Sint- Sixtus geraken. Toen we in Scheldewindeke kwamen wonen was het vrij logisch dat we op zoek gingen naar lokale brouwerijen.Brouwerij Van Den Bossche uit Sint-Lievens- Esse is momenteel onze huisleverancier: Ignace, brouwer van de derde generatie, is een zeer joviale tiep die me steevast een paar nieuwe brouwsels ‘ter proeving’ meegeeft, de laatste jaren is hun assortiment trouwens behoorlijk uitgebreid. Daarnaast kunnen de brouwsels van de Proefbrouwerij uit Lochristi ons ten zeerste bekoren, net als een authentieke Geuze of Kriek. Voor een mooie selectie bieren passeer je best eens bij ‘Maurice De Clercq & Zoon’ in Lochristi.
Een programma als ‘Tournée générale’ is in dit opzicht een mooi initiatief. Op een ietwat eigenzinnige en niet-commerciële manier worden ons een aantal typische Belgische, maar voor het grote publiek vaak onbekende bieren gepresenteerd. Leuk was het om te zien hoe we week na week, tijdens het bekijken van het programma de kelder konden induiken om een van de gepresenteerde bieren meteen mee te proeven. Jammer dat bier ook al te vaak als product placement te zien is in o.a. ‘Mijn restaurant’, waar kandidaten verplicht worden samen te werken met één brouwerij. Je kan je toch ook geen wijnkaart voorstellen met slechts 1 rode, 1 witte en 1 rosé wijn op.
Nu eens zien of we morgen slagen in onze missie. Hier alvast de keuzelijst met als mijn persoonlijke top 3: ‘Bieken’ van brouwerij Boelens [jammergenoeg momenteel niet op stock], een Oude Geuze van brouwerij 3 Fonteinen en een Steendonk witbier [het vergane huiswitbier van de Studioskoop toen ik die nog frequenteerde].
