Archive for September, 2010

over kamelen, olifanten, muizen en bergen

Friday, 17 September, 2010

aida_01Dankzij de vrijkaarten van Radio 1 kon ik er bij zijn, bij hét media-event van dit moment op theatervlak. NTGent wisselt van baas. De nieuwe heet Wim Opbrouck, en u zal het geweten hebben. Van zodra je één voet binnen zet in het majestueuze gebouw aan het Sint-Baafsplein merk je de stempel van de nieuwe leider. De hal is nu geheel zwart geschilderd en bezaait met de typische Opbrouck tekeningen. Een stijl waar ik wel van hou, maar er wringt iets. De tekeningen zijn te veel vergroot waardoor ze een deel van hun finesse verliezen en een beetje plomp overkomen. Maar niet getreurd, we zijn naar hier gekomen om te genieten. Van brood en spelen. Want voor de aanvang van het stuk mogen we aanschuiven in het Foyer voor een hap. Ook hier is de verfijning die de keuken enkele jaren geleden typeerde wat zoek. Een serieuze zalmmoot, geserveerd op een eiland van wortelpuree en omgeven door een oceaan van boterroomsaus met kringetjes bieslook, als waren het reddingsboeien. Er lagen in een vergeten hoek van het bord ook nog een drietal groene asperges die wellicht voor het kleuraspect moesten zorgen. Geraffineerd was het niet, maar lekker wel, alhoewel iets te zwaar voor een avondmaal.

De koffie zette ons terug op scherp en op weg naar onze gereserveerde plaatsen, op rij F van het tweede middenbalkon. Voor zij die de schouwburg niet kennen: dit zijn plaatsen waar je geen hoogtevrees voor mag hebben. Maar niet getreurd, de zetels zitten comfortabel, het zicht is, lichtjes naar voor buigend, perfect. Vijf minuutjes na het aangekondigde beginuur, je weet hoe dat gaat als een hoop BV’s hun plaats moeten vinden, gaan de zaallichten uit en horen we vanuit het duister het acteurskoor opkomen. Aïda, zo beloofde de artistiek directeur, zou naar zijn hand gezet worden. Het is sowieso niet voor de hand liggend om een opera te ‘vertonelen’. Maar Opbrouck drukt wel heel erg zijn stempel. Hij engageert de hele loonlijst van het NTGent in zijn stuk. Allemaal staan ze op de “bühne”, ze vormen het koor dat de acteurs ondersteunt. En alsof dat nog niet genoeg is, wordt er nog aan toeschouwerparticipatie gedaan ook. Jawel, iedereen mag meezingen, niet zonder een net iets te lange repetitie welteverstaan.

aida_04Het stuk, meneer Opbrouck hoort graag de term ‘theaterproductie’, heeft geen echt verhaal, geen echte personages. Wat zich op en rond het podium afspeelt is bij momenten van een intense, bijna kinderlijke schoonheid, uitgepuurd, soms hilarisch en doorspekt met leuke vondsten. Maar al evenzeer pompeus en somtijds zelfs vervelend. De intendant haalt werkelijk alles uit de kast, een totaal overbodige olifant incluis.

Eigenlijk best een gezellige voorstelling, ware het niet dat er, naar mijn zeer bescheiden en zeer ondeskundige mening, iets schort met de timing. Er wordt opgebouwd naar een climax, inclusief het ‘sing along’ gedeelte waaraan ook wij bijdragen, samen met de acteurs, de muzikanten, de voor de gelegenheid uit Desselgem overgevlogen Leiezonen, de schouwburgmedewerkers. Mooi, krachtig, van een ongeziene samenhorigheid, alles voor de kunst, of is het alles voor Opbrouck? Applaus weerklinkt alom.

Maar dan blijkt dat deze voorstelling toch nog ergens een verhaaltje had dat moest worden afgewerkt. En daar zakt de voorstelling toch even in elkaar. Je kan het publiek niet warm maken voor een samenwerking met een hoog schlagerfestivalgehalte om het vlak daarna tien minuten over te laten aan een monoloog waarvan inhoud noch vorm ook maar enig uitstaans had met al wat we tevoren voorgeschoteld kregen.

aida_05Het eindigt dan ook een beetje in mineur, al doet de goegemeente nog zeer haar best om de handen op elkaar te krijgen en zien we hier en daar wat mensen rechtveren. Dat waren misschien diegenen die wisten dat beneden de drank klaarstond. Gelukkig hadden onze West-Vlaamse vrienden ondertussen buiten verzamelen geblazen en overgoten ze de receptie met de nodige grandeur om te verhullen dat de berg een muis had gebaard.

Ik vrees dat ik een beetje last begin te krijgen van een lichte vorm van “Opbrouck-indigestie”. Hopelijk gaat het snel over.

Balans na drie maanden: 2 vegetariers, 4 flexitariers

Saturday, 4 September, 2010

20100718_carpaccio van rode biet_002Wat een boek allemaal kan teweegbrengen. Na het lezen van ‘dieren eten’ van Jonathan Safran Foer zette ik de stap naar het vegetarisme. De kok kiest wat het volk eet, dus ook het gezin doet – in eerste instantie misschien wat schoorvoetend, maar na verloop van tijd met alsmaar meer enthousiasme – mee. Wie mij goed kent, weet dat dit voor mij niet zo’n grote stap was. Ik heb altijd al veel sympathie gehad voor vegetariërs, maar vond vlees en vis toch iets te lekker om links te laten liggen. Intussen gaat het niet meer alleen om die zielige diertjes die versneden worden tot lapjes biefstuk of kippenbout. De impact van de vleesindustrie en de visserij blijkt fenomenaal groot voor onze planeet. Zelfs wie het geen moer kan schelen wat die dieren te lijden krijgen voor ze op ons bord belanden, kan uit ecologische of economische overwegingen toch besluiten geen vis of vlees meer te eten. Dat het voor je gezondheid ook goed blijkt te zijn, is natuurlijk mooi meegenomen. Vind ik vlees of vis dan plots niet meer lekker? Natuurlijk wel. Mis ik het? Nee, helemaal niet!

20100807_kelder_005Soms krijgen we de vraag wat we dan wèl nog eten. Ergens las ik een ad rem antwoord op deze vraag: gras, zowel gestoomd, gebakken als rauw. Gelukkig is Cas mijn grootste verdediger en treedt hij me bij zulke gesprekken al snel bij door de vraagstellers te verzekeren dat vegetarisch eten heel lekker is. Maar bij de grootouders en bij vriendjes eet hij wel soms vis of vlees, dus strikt genomen is hij flexitariër, net als Marthe, Lena en Geert. Voor mijzelf en Finn [die in deze nog niet echt een stem heeft en voorlopig alles lekker vindt] probeer ik dit te vermijden, al zijn er situaties waarin ook ik een stukje vis moet eten, al was het maar omdat ik niet ‘die moeilijke’ wil zijn.

Maar waarom ook geen vis, vragen sommigen mij? Alsof vissen minder dier zijn dan kippen en koeien. Akkoord, ze hebben geen hoge aaibaarheidsfactor, ze stoten geen massa’s methaan uit en ze verbruiken geen grote hoeveelheden water en graan. Maar de invloed van al dat gevis voor het leven onder water is catastrofaal en de invloed van al het gif dat via de vis uw en mijn lichaam bereikt is ook niet mis. Wie echt wil weten hoe het zit [en daarna wellicht geen vis meer zal eten, u weze gewaarschuwd], moet maar eens ‘Wat is er mis met vis?’ van Dos Winkel lezen. Je valt gewoon achterover. En dan te bedenken dat men nog steeds aangeraden wordt 1 à 2 keer per week vis te eten omdat het gezond is! Net zo min als vlees heeft een mens vis ‘nodig’. Gelukkig maar, denk ik dan.

Maar ik ga misschien te veel de belerende toer op. Genoeg daarover. Wat primeert en mij blijvend motiveert, is dat er zoveel lekkere, creatieve en verrassende vegetarisch recepten bestaan. Al drie maanden probeer ik verschillende keren per week nieuwe gerechten uit en ik heb het gevoel dat we nog nooit zo smaakvol gegeten hebben als de laatste maanden. Lekker, gevarieerd en daarbovenop nog eens gezond. Een win-win situatie dus.