Archive for July, 2009

gentsche fieste

Wednesday, 22 July, 2009

Ondertussen heb ik de Gentse Feesten al op een aantal manier beleefd. Mijn vroegste herinneringen zijn gelinkt aan m’n suikertante die in Gent woont en waar ik jaarlijks wel eens een week doorbracht. Als jongeling ben ook ik ooit wakker geworden op de grote tribune met het onvermogen zich nog iets van de afgelopen uren te herinneren. Later, als kuipbewoner, ben ik met de minder leuke kanten van de feesten geconfronteerd. Nachtlawaai [zeker het jaar dat er een dreupelkot vlak onder ons slaapkamerraam stond], vandalisme [van een gekraakte autoantenne, afgebroken autospiegel tot een voordeur die plots halfweg de gang hing/lag], verkeersproblemen [ge moest de mensen nogal eens zien kijken als ge om tien uur 's avonds de Belfortstraat probeert te kruisen], …

20090720_dagje_gentse_feesten_003Nu we Gent ontvlucht zijn, onze wilde haren grijzer en vooral minder in aantal zijn en ons gezin ondertussen aardig is uitgebreid is ons bezoekmoment aan de feesten verschoven. Zo kwam het dat ik gisteren om half tien met de drie oudsten op het perron in Scheldewindeke stond, geladen met een picknick, drank en fototoestel. Onze missie: Cas laten genieten van een workshop van het circuscentrum in het Baudelopark, om drie uur, terwijl de meisjes zich zouden vermaken op het naastliggende speeltuintje. Het is dus een understatement te zeggen dat we ruim op tijd waren. Dit gaf ons echter de mogelijkheid nog eens door de feestenstad te flaneren zonder de drukte ervan. De wandeling bracht ons van de tijdelijke terminus van de tram naar de Graslei, langs het Gewad naar de Lievekaai en zo het Patershol binnen. Even binnenspringen in het Caermersklooster voor de tentoonstelling Deftig vermaak, ijdel vertier dacht ik. Mis dus, want Gentse Feesten of niet, op maandag zijn de musea gesloten. We zochten dan maar troost in een scone van bij het bakkerken op de Groentemarkt, en een goeie zak kersen van bij ‘de roeper’. Bij een eerste halte aan het speelpleintje in het Baudelopark waren er meer ‘roesuitslapers’ te bespeuren dan kinderen, maar dat kon de pret niet drukken. Geluncht werd er aan de circustribune, kijkend naar de repetities van de groepen die er ‘s namiddags op het programma stonden. Als dessert werden de laatste kersen soldaat gemaakt. Dat maakt een dikke 300 gram kersen de man.

Omdat we pas vanaf twee uur konden inschrijven maakten we nog een toertje door het centrum dat langzaamaan ontwaakte en waar de ivagomannetjes plaats begonnen ruimen voor de straatmuzikanten. De ‘mosterddraak’, zoals Cas de draak op het Belfort al sinds jaren noemt omdat hij ook op de potjes van Tierenteyn staat, heeft altijd al een sterke aantrekkingskracht gehad. Dit was dus het uitgelezen moment om het Belfort, en enkele van de oude drakenexemplaren die in de torenwachterskamer staan, eens van naderbij te ontdekken.

20090720_dagje_gentse_feesten_04320090720_dagje_gentse_feesten_03920090720_dagje_gentse_feesten_03620090720_dagje_gentse_feesten_02520090720_dagje_gentse_feesten_03020090720_dagje_gentse_feesten_028

Nadat we het raderwerk van de beiaard in actie zagen en hoorden – het maakt zo’n lawaai dat je de klokken zelfs nauwelijks hoort – stapten we in de lift om de feesten vanuit de hoogte te aanschouwen. De steile afdaling, ”ik heb geen hoogtevrees, maar wel een beetje vrees”, zei Lena tijdens de weg naar beneden, bracht ons in de klokkenkamer waar Klokke Roeland net werd beroerd door een van de drie hamers. Tijdens het laatste stukje neerwaarts, terug met de lift, vroeg Lena zich af waarom er op één van de knopjes van de lift een klok stond. Zou de klok luiden als je daar op drukte?

Terug aangekomen bij de ‘place to be’ zei Lena dat zij ook wel wou proberen om circusartiest te worden. Zo komt het dat Lena en Marthe als derde en vierde op de lijst stonden en Cas zich netjes zelf had opgegeven bij de +6-inschrijvingen. Het half uurtje dat ons nog scheidde van de start van de workshops werd gevuld met opwarmingsoefeningen op de tribune. Een tribune die kort daarna afgeladen vol zou zitten voor de GRATIS acts van die namiddag.

Om drie uur gaf ik Cas nog snel een aai over zijn bol voor hij naar zijn afspraakplek liep en ging ik  mee met de meisjes. Na een verhaaltje om het ijs te breken werden de kinderen, en ouders, losgelaten op een hele reeks speeltuigen. Het kussenparcours, de bal, het touwdansen en de draaiende borden waren duidelijk favoriet. Eerst ging het wat aarzelend en moest de papa er toch wel bij zijn, maar al gauw zaten ze overal op, onder, tussen en over. Het uurtje was voorbijgevlogen toen Cas terugkwam van zijn groep.

20090720_dagje_gentse_feesten_045

Mission accomplished dus, meer zelfs, alle drie hadden ze klaarblijkelijk veel plezier gehad. We zochten ons een plekje naast de scène en genoten nog na van de acts. Toen ik na zo’n dik half uur aanschuiven terugkwam met vier overheerlijke ijsjes waren ‘d’onze’ omringd door nog een hoop leefschoolkinderen. Jammergenoeg konden wij niet al te lang meer blijven want de voet-tram-treinweg terug naar Scheldewindeke diende ingezet te worden.

Conclusie van een dagje Gentse Feesten met een acht-, zes- en vierjarige: meer dan doenbaar, zeker als ze zich zo flink gedragen. Nu hopen dat Cas morgen deze post niet leest of hij zaagt me de oren van m’n kop voor een volgende trip.

Een fotografische naslag vind je hier.

Legocreaties

Sunday, 19 July, 2009

20090712_vakantiedag_013Cas’ vakantiestart was net iets minder vlot dan die van zijn zussen. De verveling weet je wel. Terwijl hij vorig jaar heel vaak met Marthe speelde hebben de meisjes nu in elkaar perfecte soulmates gevonden, en de prinsessen hebben voorlopig geen nood aan een prins. Hij valt dus een beetje uit de boot dit jaar, en het duurde een tijdje voor hij zijn vriendjes van school kon “inruilen” voor zijn speelgoed. Maar sinds vorige week heeft hij zijn lego herontdekt.

Het leuke is dat hij een freestyler is, niet iemand die de plannetjes slaafs volgt. Vaak start hij met een idee dat hij oppikt uit een strip, een tv-programma, een film of ergens uit zijn ondoorgrondelijke fantasie. Meestalaak doet de kleur van de blokjes er niet toe, maar de laatste creaties zijn opvallend sober.

Hieronder zie je een ruimtewandelaar. Niks geen planneken, gewoon roefelen in de bakken en proberen. Vaak hoort er ook nog een heel verhaal bij zijn bouwsels, maar deze spreekt voor zich.

20090719_lego_creatie_00420090719_lego_creatie_00320090719_lego_creatie_00220090719_lego_creatie_005

Toen hij mij zijn wandelaar toonde moest ik denken aan de strandbeesten van theo jansens. Gefascineerd keek hij dan ook naar het filmpje dat ik op vimeo vond. Ik heb er voor alle zekerheid maar bij verteld dat die man daar al jaren mee bezig is en dat het volgens mij onmogelijk is het na te bouwen in lego.

Ik ben curieus waarmee hij volgende keer voor de dag zal komen.

Congé payé

Sunday, 19 July, 2009

Twee volle weken, waarvan één weekje buitenshuis. Dat zijn de vooruitzichten voor de rest van juli. Nu nog hopen dat het kmi ook iets leuks in petto heeft [terwijl ik dit tik, tikt de regen ritmisch op het dak van de serre]. Echt verlof is het immers pas als je buiten kan ontbijten, lunchen en avondmalen, vind ik.

20080810_oostduinkerke_034

Hier ten huize houden we er een niet-gelijklopende voorkeur op na. Marijke is een zee-zon-strand type en ik zou me eerder verschuilen in de koelte van de Ardeense bossen. Vermoedelijk is die preferentie gegroeid uit de eigen jeugdervaringen. Tussen het doppen van de erwtjes door ging de familie Vermeulen al eens een dagje richting Oostduinkerke. Een dagje zeg ik hier wel, maar eigenlijk was het wel een hele dag: vertrekken voor dag en dauw, ontbijten met vers suikerbrood in de duinen en pas ‘s avonds terug naar Asper. Wij hielden het bij een weekje ergens in de Ardennen. Nooit tweemaal op dezelfde plaats, maar wel dikwijls hetzelfde concept: een self-catering huurhuisje. Alhoewel ik me ook een jaar herinner dat we op hotel zaten en mijn ouders onder hun voeten kregen omdat ze stiekem zelf koffie zetten op de kamer. En als ik me niet vergis zaten we ook ooit op een domein waar het middageten in aluminium schuiten werd voorgereden.

Sinds we kinderen hebben zijn we een paar jaar naar zee geweest. M’n ouders logeerden in een sympathiek appartementje en wij kwamen dan na met de kinderen. Een zeer kindvriendelijke badplaats vind ik dat trouwens, Wenduine. Eén van de weinige plaatsen waar de Koninklijke baan trouwens een ommetje maakt om het centrum, waardoor het er rustig vertoeven is. Maar naarmate ons gezin uitbreidige uitbreed uitbreidde werd het toch een beetje te krap.

Een viertal jaar geleden gingen we dus op zoek naar een nieuwe bestemming. Als compromis tussen zee en Ardennen werd het concept ‘boerderijkvakantie’ naar voren geschoven. Het internet werd afgeschuimd en het mapje ‘vakantie’ onder de bookmarks liep al snel aardig vol. Al vlug bleek dat we toch weer naar het westen zouden uitwijken. Het aanbod is daar ruimer en de trip ernaartoe is niet te lang. Geen van ons drie oudsten zijn trouwens voorstander van ‘lange’ autoritten. Uiteindelijk zijn we in Lo beland, bij Lut, Johan, Marieke, Louise, Nel, Sander en Flore van ‘t Donderswal. Een biologische melkveebedrijf ergens in de uitgestrekte IJzervlakte.

zomervakantie 2006zomervakantie 2006zomervakantie 2006boerderijvakantie 20-27 juli 2007boerderijvakantie 20-27 juli 200720080726-31_donderswal_005

Dat het ons daar zeer bevalt mag je wel zeggen, want ondertussen worden de koffers gepakt voor een vierde keer op rij. Het succes is even makkelijk als eenvoudig. Mix de volgende ingrediënten: Flore, de jongste dochter die even oud is als Marthe, Ella, de geit, Rokkie, de hond, Thelma, de pony, jonge poesjes, mooie zwart-wit gevlekte koeien, speelruimte, reuzezandbak, trampoline, schommel, go-carts, fietsen, pingpongtafel, tractors, verse melk en eitjes, appels uit de boomgaard,… Voor ons een ideale vakantie, want de kinderen amuseren zich kostelijk en wij kunnen op ons gemak wat koken, lezen, fietsen, meespelen,… Meer heeft een mens niet nodig, denken wij zo.

Ooit zullen we nog wel eens de Ardeense bossen onveilig maken, maar ondertussen weet je ons te vinden.

Axel, Nederland ²

Wednesday, 15 July, 2009

20090712_vakantiedag_010Het is een zaterdagochtend in de zomervakantie van 2009 en we zijn onderweg naar Nederland. Op de achterbank zitten de drie oudsten zich af te vragen wie er het ‘naturigst’ gekleed is. Pieter Embrechts fleurt de auto muzieksgewijs op met zijn frisse deuntjes. Vorig jaar pikten we voor het eerst een eeuwenoude traditie op. In een licht geactualiseerde versie wel te verstaan. Op ons boodschappenlijstje staan voornamelijk producten die we hier niet zo vaak vinden: hagelslag en vla [in alle mogelijke kleuren en smaken], koekjes en enkele karnemelkproducten. Die vinden we in de Albert Heinwinkel vlakbij de markt. De eerste aankopen worden in de koffer geladen, een aardbeiyoghurtdrank uit het versvak wordt gedeeld en we haasten ons terug naar de kraampjes. Die staan nog steeds op dezelfde plaats, maar er zijn er heel wat minder. Er zijn geen kronkelende palingen meer te bespeuren en veel garnalenproefmandjes moet je ook niet meer verwachten. In de winkelwandelstraat zou een step nog wel van pas komen om van kraam naar kraam te flaneren. We laden onze boodschappenmand wel met een speelshort voor Cas [in't kaki, zeer 'naturig"], heerlijke kersen, ananassen, snoeptomaatjes, nog een zak kersen, snoepnootjes en een grote watermeloen.

Vorig jaar hadden we ook nog picknickzaken meegegraaid uit de AH. Die werden verorberd bij het aanschouwen van de binnenwaaiende en vertrekkende zweefvliegtuigen aan het plaatselijke vliegpleintje. Dit jaar hebben we een uitnodiging voor frietjes met biefstuk in Wachtebeke op zak. Frietjes op zaterdag? Inderdaad, er wordt al eens afgeweken van de routine als de kinderen en kleinkinderen op bezoek komen. Maar smaken deed het evenzeer.

Ook al mis ik de stem van Jan Van Rompaey wel een beetje.

Axel, Nederland

Wednesday, 15 July, 2009

Ik word wakker op een willekeurige zaterdag ergens eind jaren zeventig, begin tachtig. De Tulpenlaan in Wachtebeke, een grensgemeente in Oost-Vlaanderen is het decor. Aan de gisterenavond al gedekte ontbijttafel eten we samen boterhammen met choco en zelfgemaakte confituur. Bruine boterhammen, niet van bij de bakker, dat herinner ik me, maar ik weet niet goed van waar de in cellofaan verpakte sneetjes dan wel kwamen. Niet dat het niet smaakte, met genoeg choco smaakt alles. Op de radio op de vensterbank worstelt Jos Ghysen zich door een ‘te bed of niet te bed’. “Voor acht dagen Lourdes”, je weet wel. Ik vermoed dat het ergens in de herfst is, want het is nog vrij duister buiten en de tl-lichten in de vierkante plafondarmatuur verspreiden hun diffuus, maar sfeerloos licht over de keuken. De koffiezet pruttelt en moet nodig ontkalkt. De wasmachine heeft er z’n eerste draaibeurt al opzitten.

Het leven in het weekend is vrij routineus, wellicht een overblijfsel van mijn vaders militaire opleiding en jaren als beroepsmilitair. Ondertussen werkt hij al sinds m’n broers geboorte bij Sidmar, in ploegen. 2 ploegen, dus de weekends waren voor ons, het gezin. Na het ontbijt wordt de, in mijn gedachten licht goudkleurige, Simca 1100 uit de binnengarage gereden. Ik zit achter mijn moeder. Een radio was er niet en veel gebabbeld werd er ook niet in de auto. Mijn vader concentreerde zich graag in stilte op de weg. Ik merk dat mijn moeder wat heen er weer schuifelt. We rijden langs de Langelede en mijn moeder kan niet zwemmen. Een combinatie die telkens weer voor wat stress zorgde. Maar mijn vader is een krak en zal niet één keer in de gracht rijden. Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat hij het wel één keer heeft gedaan, maar dat was in de Ardennen en die gracht stond droog.

Het gezin Roels-De Graeve is onderweg voor de wekelijkse inkopen in Axel, Nederland. Ja, eind jaren zeventig stond de gulden goedkoop, zo’n frank of 15 meen ik me te herinneren, en als je dan je inkopen net over de grens kan doen scheelt dat toch. Eerste halte is de “Prijsslag”, een supermarkt waarvan ik me herinner dat ze melk verkochten in fel geribbelde plastic flessen afgesloten met een aluminium scheeltje. Ze hadden er ook lekkere met amandelspijs gevulde rozijnenstollen. Dat ging steevast in de winkelkar en zal morgenochtend de plaats innemen van de chocopot.

Daarna ging het richting markt. Er werden garnalen geproefd, aan elk viskraam, en in die tijd stonden er nogal wat. Op de terugweg werd de beste leverancier beloond met de afname van een kilo ongepelde crevettekes. Goed voor zo’n goeie 330 gram gepeld, als je er tijdens het pellen niet te veel met je pollen aan zat. Andere vis werd er ook gekocht, denk ik toch. Maar geen paling, alhoewel die zeer vakkundig aan het kraam om de hoek van zijn vel werd ontdaan en in de pekelbak werd gegooid. Fruit en groenten werden er ook meegebracht. Niet zo heel veel, want appels en peren haalden we op de baan naar Bomma en in de ‘groentenhof’ werd ook aardig wat geteeld.

Normaal zijn we nog ruim op tijd thuis om voor het middageten van een wellnessmoment te genieten. Zaterdag is baddag. Routine weet je wel. Proper gewassen en gekamd verschijnen we terug aan tafel. Jos heeft ondertussen zijn ‘bij leven en welzijn tot over acht dagen’ al lang achter de rug [heb trouwens nooit begrepen waarom een week in Limburg 8 dagen moest duren] en de keuken wordt gevuld met de Vlaamse top tien. De radio als behang, je kent dat.

Na de afwas trek ik met terug op m’n kamer om de onlangs voor m’n goed rapport gekregen lego een plaats te geven tussen de andere. Als ik de berg lego zie moet ik veel goede rapporten gehad hebben, of het ware dat m’n broer er ook kreeg. Radio Rijswijck begroet ons.

De speelkleren worden geruild voor deftiger tooi. Het is immers tijd voor de mis. De jeugdbijbel zit bij ‘Ons kookboek’, in de derde schuif onder de oven. Uit het witte plastic potje met bloemetje op de voorkant, in de schuif boven de ontbijtkast, wordt een cent meegegraaid. Met z’n drieën nemen we plaats in de rechterzijbeuk, ter hoogte van de voorste biechtstoel. Met z’n drieën, want ons vader zingt mee in het koor en zij zitten recht voor ons, aan de andere kant van de communiebank. Achter het orgel zit de kinesist. Ik kijk al uit naar zijn improvisatie tijdens de communie.

Na het wekelijks kerkbezoek komen thuis de zwan-worstjes met stokbrood en gesneden augurkjes op tafel. De livingtafel ditmaal, want ‘s avonds werd er daar gegeten. Het steelpannetje, de stukken Frans brood in het rieten mandje met onderin een velletje keukenpapier. Ketchup heb ik er bij mijn weten niet weten staan. Mosterd daarentegen wel, vooral voor ons vader. Mosterd bij de worstjes, pickels bij de frietjes.

De afwas is achter de rug, de ontbijttafel voor de zondag staat gedekt, ook in de living, en we trekken ons terug in de zetel. Cocooning avant la lettre. Zoute chips in de donkerhouten kom (de oranje tupperware-pot kwam pas toen ik in het middelbaar zat). De openhaard brandt (ook de inbouwkachel kwam pas later), het is dus zeker herfst. De televisie zonder afstandsbediening strooit Terloops de living in. Jammer dat het geen zomer is, anders konden we nog eens kijken naar het ‘spel zonder grenzen’.

Na ons ‘kruisken’ kruipen we onder de lakens, want ook de donsdekens deden pas later hun intrede. Morgen, zondag, wordt opgefleurd door de stol, frietjes en Jan Van Rompaey. Routine weet je wel.